MindNote | Muziek, Edutainment & e-Cultuur

Weblog van Meindert Bussink "Digitale Duiding"

Historie van February, 2010

Hoe is het met…? Robin Block

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 26 - 2010

Singer-songwriter is op zoek naar versterking

[3VOOR12/Amsterdam - 25 februari 2010]

Maandag 30 maart 2009 speelde Robin Block in De Wereld Draait Door en op 16 december ontving hij met zijn andere band Project Wildeman de Jur Naessens muziekprijs. Twee mooie hoogtepunten voor de singer-songwriter die vergeleken wordt met Jeff Buckley en nog niet eens een eerste album heeft. 3VOOR12/Amsterdam belt via Skype met Robin over het afgelopen jaar en wanneer we zijn album kunnen verwachten.

Hoe kijk je terug op het afgelopen jaar?
Druk, maar vruchtbaar. De Wereld Draait Door was erg leuk om te doen vanwege de vele positieve reacties. Vanuit plaatsen waar je nog nooit van gehoord hebt in bijvoorbeeld België, krijg je te horen dat iemand naar je muziek luistert wanneer hij naar zijn werk fietst. Dat is leuk om te horen.

Met Project Wildeman heb je de Jur Naessens muziekprijs gewonnen. Hoe was dat?
We hadden niet verwacht dat we én de publieksprijs én de juryprijs zouden winnen. Toen we de publieksprijs kregen dachten we: ‘Dan zullen we de juryprijs wel niet krijgen’, maar die kregen we toen ook! Dat was een hele aangename verrassing.

Wat betekent het voor jullie dat jullie deze prijs hebben gewonnen?
Het is een tweejaarlijkse prijs ter ondersteuning van multidisciplinaire muziek. Aangezien Project Wildeman niet altijd even makkelijk te plaatsen is, of aan de man te brengen, is het heel fijn dat zo’n prijs nu ondersteunt en erkent waar je mee bezig bent. Het Bimhuis was daarnaast een leuke locatie om te spelen die goed past bij wat we daarmee doen. De thematiek van onze stukken pasten goed bij het decor met de stad op de achtergrond. Dat was wat dat betreft echt een cadeautje.

Wat kunnen we komend jaar van je verwachten?
Met Project Wildeman gaan we een voorstelling maken voor op het Over ‘t IJ festival. Dat gaat in juli in premiere en daarna gaan we een poptour doen in samenwerking met het Paradiso Melkweg productiehuis. Tien dagen op een locatie, dat wordt heel interessant.

…en met Julien en Jaïr? (de bassist en percussionist van de band Robin Block)
De focus daarbij ligt daar nu meer op het album, maar we zijn nog heel erg bezig met sounds, met wie en waar we gaan opnemen. In de bezetting zullen waarschijnlijk wat wisselingen plaatsvinden. We zoeken nog een extra muzikant, een multi-instrumentalist. Iemand die gitaar kan spelen, maar ook piano en die het liefst ook kan zingen. Jaïr is daarnaast ook druk met zijn werk dus waarschijnlijk gaan we ook met een nieuwe percussionist werken. Geïnteresseerde muzikanten kunnen zich bij deze melden haha.

Waar moet het album volgens jou heen gaan?
We hebben alle nummers voor het album al, maar zouden de muziek graag wat rijker arrangeren. Ik wil een album maken wat een goede weerspiegeling is van enerzijds wat we met z’n drieën hebben gedaan tot nu toe en anderzijds wat de toekomst zal zijn. Met extra gitaren en wat toetsen het laboratorium ingaan zeg maar.

Laatste vraag, poetribale riten? (naast poezie en muziek een prominent woord op zijn site)
Haha. Ik kan wel alvast een tipje van de sluier oplichten over de voorstelling met Project Wildeman. Het is echt een performance, iets dat je live moet zien. Het is heel energiek, heel direct, heel zintuigelijk. De voorstelling wordt in de vorm van een ritueel, wel een eigentijds ritueel. Enerzijds hele primitieve dingen zoals pure kreten of Afrikaanse percussie, tegelijkertijd hebben we ook Milan in de band (van The Benelux) die een heel arsenaal van elektronische soundscapes en stadsgeluiden opentrekt. Een primitief ritueel wordt als het ware vertaald naar iets stads. Wat je dan krijgt is mannen in pakken die op Afrikaanse drums staan te rammen of een stuk met een swingend Afrikaans ritme dat over de kredietcrisis gaat. Zowel thematisch als muzikaal zoeken we het grensgebied tussen oud en nieuw op. De wildeman in de grote stad heeft hele primaire instincten, maar leeft wel in een stadse setting met hele kunstmatige elementen zoals kantoren en computerschermen.

Kunnen we jullie hiermee ook in het theater verwachten?
Het is niet echt een voorstelling, we spelen geen rol, maar we leiden een soort ritueel. Een rauw ritueel.

Van 1 tot 11 juli zal Robin met Project Wildeman op het Over ‘t Festival staan.

De Robin Block band zal op 20 februari in De Kelder in Amersfoort voorlopig voor het laatst optreden in de huidige bezetting samen met awkward i en Coparck.

http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/43148803

Mecenaat 2.0: Crowdfunding van cultuur

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 23 - 2010

Vlak na de grote opbrengsten van Serious Request begin dit jaar schreef ik een blogpost over het groeiende fenomeen ‘Crowdfunding’. In de muziekwereld kennen de meesten het voorbeeld van Sellaband, maar ook in de boekenindustrie zijn er steeds meer voorbeelden zoals Ten Pages en BookaBook. Een nieuwe bladzijde in het hoofdstuk Crowdfunding is de financiering van projecten en ideeën zoals bijvoorbeeld KickStarter en RocketHub.

Dergelijke bottom-up financieringen van culturele producten kunnen de huidige machthebbers van de cultuurindustrie, maar ook aan de overheid gelieerde subsidieverstrekkers, weleens aardig buiten spel gaan zetten. Weblog EHPO schreef laatst al een rake blogpost over Ten Pages waarna een leuke discussie volgde in de comments. De strekking van zijn verhaal was dat er de komende jaren wellicht nieuwe artiesten of auteurs op eigen kracht zouden kunnen doorbreken, maar dat zij altijd nog kwalitatief onderscheidend zullen moeten zijn en waarschijnlijk ook nog ‘gewoon’ ondersteund zullen moeten worden door een team van deskundigen. Een soort van persoonlijk coach of raad van commissarissen.

Deze ontwikkelingen doen mij denken het mecenaat uit de Middeleeuwen, maar dan in een nieuw jasje. Destijds werkten beroemde renaissanceschilders voor geestlijken, kooplieden en vorsten voor wie kunst in de eerste plaats een middel was om hun aanspraken op macht te tonen. De macht die van opdrachtgevers uitging stond vernieuwende kunst van hoge kwaliteit vaak niet in de weg, het tegendeel leek eerder het geval. In de vorige eeuw lijkt dit systeem plaatsgemaakt te hebben voor andere krachten. De succesvolste artiesten konden nu rekenen op grote beloningen die werden gefinancierd met opbrengsten vanuit de massacultuur. Veel overige artiesten maakten aanspraak op allerlei door overheden en instanties gefinancierde subsidies. Met de huidige crowdfunding-ontwikkelingen lijken we af te stevenen op een nieuw systeem van cultuurfinancieringen. Zonder de heer Wilders verder in de kaart te willen spelen in deze economische dramatische tijden en met een demissionair kabinet, wellicht biedt crowdfunding een nieuw serieus soelaas aan menig ‘linkse hobby’.

*update 23-2* Zojuist werd via Twitter duidelijk dat Sellaband falliet verklaard is. Wat mij betreft is dit geen bewijs dat crowdfunding niet werkt. Het is eerder een precedent dat vergelijkbaar is met Napster waaruit uiteindelijk het succesvolle iTunes evolueerde. Bij Sellaband ging het echter niet om een auteursrechtelijk probleem, maar om een belabberde uitvoering van een potentieel goed concept.

Bas Verweij (Interaction Designer & Charing X) over muziekeducatie

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 23 - 2010

Bas Verweij is interaction designer en freelance conceptueel ontwerper op het gebied van kunst, media en technologie. Hij speelt al 20 jaar gitaar, waarvan 15  jaar elektrisch. Eind jaren negentig maakte hij deel uit van de succesvolle studentenband Charing X waarmee hij in een aantal van de mooiste zalen van Nederland speelde.

Welke muziekeducatie heb je zelf genoten? (en heb je ervan genoten?)

Van mijn achtste tot mijn elfde jaar had ik les op de Spaanse of klassieke gitaar. Dat was in den beginne leuk, maar werd al snel saai. Het sprak mij niet meer tot de verbeelding.

Van mijn vijftiende tot mijn achttiende had ik les op de elektrisch gitaar bij een privé docent waarbij de focus lag op het luisteren met je oren en improviseren. Niks tabs, niks noten! Gewoon luisteren, desnoods op halve snelheid om er achter te komen wat er precies gebeurt.

Waar moet volgens jou het accent op liggen bij muziekeducatie?

Alles begint bij het gehoor, als je niet hoort wat je doet, kun je niet voelen, niet samen spelen, niet performen… Zelfs air-guitar spelen is onmogelijk als je niet luistert! Goed luisteren is goed ‘openen’ en als je open bent, komt gevoel en samenspel vanzelf.

Performance is een ondergeschoven kindje, maar zeer belangrijk. Door alleen op de intentie te letten, door je lichaam in de strijd te gooien, bundel je al die energie en intentie, die je vervolgens naar je gitaar, je vingers, je gedachten, je gevoel kan sturen. Dit kan heel geforceerd door een ventilator voor je te plaatsen en een cape aan te trekken (Vai-style), of heel subtiel door helemaal in de sfeer te gaan hangen. Door je ogen te sluiten en je gitaar te vergeten en gewoon te schilderen (Gilmour, Greenwoud etc).

Je kunt zelfs een halve toon te hoog of te laag spelen, of te proberen vanuit zo min mogelijk structuur te spelen. Je kunt er echt mee wegkomen doordat je het vanuit je tenen laat komen. Door stoïcijns en onverstoord door te spelen, blijft alleen de intentie over en dat is een van de krachtigste dingen. Adrian Belew is een goed voorbeeld van iemand die hier koning in is.

Welke rol denk je dat nieuwe media (internet, iPod, gsm, games) kunnen vervullen bij muziekeducatie?

Bomen, bos, niet meer zien… Het is een gevaar dat op de loer ligt. Persoonlijk geloof ik heel sterk in het belang van een leraar die je op weg helpt. Voor sommigen is 3 maanden ‘genoeg’ om alleen verder te gaan, sommigen houden het 10 jaar vol. Een leraar inspireert, schopt je in een bepaalde richting. De docent kiest een vorm, het ligt aan de leerling of het werkt of niet. Er moet een soort magie zijn tussen docent, leerling en methode. Er is geen absolute waarheid of één juiste richting…

Zelf ben ik optimistisch over bijvoorbeeld Guitar Hero. Als je het speelt, zit je midden in de muziek. Het forceert je om te luisteren. Het is niet zaligmakend, deze structuur moet ook zeker losgelaten worden, maar voor het oefenen van techniek is er geen betere methode, binnen een dergelijk spel voelt het alsof het vanzelf gaat. Er is geen moeten van de baas, alleen maar spelen en willen winnen vanuit jezelf.

Bettie Serveert met nieuwe plaat terug bij af

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 22 - 2010

Met negende album en nieuwe drummer is het viertal wederom herboren

[3VOOR12/Amsterdam - 22 februari 2010]

Momenteel is een van Neerlands succesvolste indiebands Bettie Serveert bezig met een landelijke tour door heel Nederland om hun nieuwe album Pharmacy of Love te promoten. De hervonden bandenergie wordt overal al geprezen; van onze lokale collegae in Friesland, Arnhem-NijmegenOverijsel tot Den Bosch. Begin dit jaar schreef 3VOOR12/NL gildebroeder Atze de Vrieze al in een interview dat naast de energie ook ‘de fun weer terug is‘. 3VOOR12/Amsterdam praat in de huiskamer van gitarist Peter Visser over waar de fun dan precies vandaan kwam.

Kom je nog vaak in Lichtenvoorde?

Haha, af en en toe. Alleen wanneer ik mijn ouders bezoek. Ik heb mijn Mavo in Lichtenvoorde gedaan en heb zwemles gehad in Varsseveld*. Daarna volgde ik in Almelo een opleiding aan de Decoreren en Etaleren Vakacademie; een springplank voor de kunstacademie. Vervolgens deed ik kunstacademie in Arnhem en ging toen naar Amsterdam.

*Lichtenvoorde is het dorpje in de Achterhoek waar Visser opgroeide en zijn ouders nu nog steeds wonen. Dit bezorgde het interview vanaf minuut één een gemoedelijk sfeer aangezien ondergetekende in Varsseveld, het dorpje verderop, is getogen.

..en Arnhem was de bakermat voor Bettie Serveert?

Klopt, de voorloper van Bettie Serveert, ‘De Artsten‘ , is ontstaan met twee jongens van de kunstacademie die bij mij om de hoek woonden. (Zij speelden ‘monotone riffs’ zoals Visser het zelf verwoord). Toen kwam er nog een andere jongen bij wonen en ontstond er een clubje dat geregeld met elkaar ging eten. Daaruit ontstond De Artsen en dat verliep steeds beter. Ondertussen ontstond ook de eerste versie van Bettie Serveert – dan hebben we het over 1986 – met ook Herman en Carol (de bassist en zangeres), maar nog met een andere drummer.

Jullie zijn niet in 1991 begonnen?

Inderdaad, maar in 1986 hebben we maar heel kort bestaan. We hebben slechts één optreden van twintig minuten gedaan en toen werd de drummer ineens vliegtuigsteward. Met de Artsen kregen we het ook wat drukker en zijn toen maar gestopt met Bettie Serveert. Eind jaren tachtig hebben we met de De Artsen een plaat gemaakt bij een Duitse platenmaatschappij en heel veel opgetreden. Op een gegeven stopte de zanger er mee. Dat kwam voor ons volledig onverwachts!

Toen kreeg Bettie een tweede kans?

In de laatste vier jaar van De Artsen kwamen Berend (de eerste drummer van Bettie Serveert), Carol en ik kwamen vaak in de kerstvakantie bij elkaar met geleende versterkers, cassettedecks en orgeltjes om liedjes op te nemen. De liedjes werden ter plekke geschreven en via twee microfoons die het cassettedeck ingingen opgenomen. Dat werden verzamelbandjes die via dubbeldecks werden gekopieerd en aan vriendjes gegeven (liefkozend memoreert hij aan de De Boerenbandjes van De Drie Anika’s). Toen kwam men er al een beetje achter dat die Carol wel liedjes kan maken en zingen. Al spelende met De Artsen vond de band dat het geluid live vaak niet goed gemixed werd. Carol is toen na enkele lessen bij vrienden achter de knoppen gaan staan en Berend kwam vaak mee gewoon voor de fun. Hij stond dan op het podium een beetje om zich heen te kijken haha.

Die Boerenbandjes werden toen de basis voor Palomine?

Na die Drie Anika’s bandjes gingen we demootjes maken waarbij Reinier Veldman alles nog heeft ingedrumd (van De Artsen). Hij wilde niet verder met met de band, want hij had nog een ander bandje. Verder kreeg Berend uit ieder instrument eigenlijk wel wat geluid uit, dus toen we Herman (ook van De Artsen) benaderden om te komen bassen, ging Berend wel drummen. Dit was niet zijn eerste keuze, dus vanaf het begin af aan voelde hij zich daar niet helemaal op zijn plek. Op een gegeven moment kreeg hij er wel plezier in en gingen we de studio Frans Hagenaars in.

…en vervolgens met die demo de boer op…

Die demo ging toen overal rond en werd door de het blad Music Maker uitgeroepen tot demo van de maand. Het regelen van optredens verliep ging vrij gemakkelijk aangezien we ‘die jongens’ waren van de artsen. Een goede vriend van ons kende Johan Kugelberg die werkte bij het hipste platenbedrijf van dat moment: Matador, uit New York. Die vriend gaf Johan de demo met een briefje erbij: “Hoi Johan, dit moet je eens even luisteren. Het zijn diezelfde gasten van De Artsen”. Op een gegeven moment kwam er een brief, of een fax, van Matador met “Wanneer treden jullie weer op? Dan komen we even langs”. Toen hadden wij zoiets van: “Huh, wat nou? Heh?“ Vervolgens deden we een heel slecht optreden in de Melkweg, maar dat maakte Matador niet zo veel uit. Ze hadden liever een band die echt is met goede liedjes, dan een band die zich overal doorheen faked. Toen ze vroegen “Wat willen jullie nu eigenlijk?” zei Berend volgens mij dat wij willen een keer naar New York willen: “Daar zijn wij nog nooit geweest”. Dat werd onthouden en een paar maanden later lag er een brief in de bus met vier vliegtickets naar New York en het verzoek of wij op de Matador-avond van het New York-seminar wilden spelen. Nou, dat wilden wij wel.

…dat was een grote eer…

Die Matador-avond was toen echt ‘the talk of the town’, daar moest je zijn! Toen er voor ons bij Stichting Pop, of wat nu Muziek Centrum Nederland heet, nog geprobeerd werd om een subsidie te regelen voor de tour, zeiden ze zoiets van: “Dat kan helemaal niet. Bettie Serveert daar hebben we nog nooit van gehoord. Hoe kunnen zij op New York Seminar spelen als wij ze niet eens kennen?”. “Nou we zijn uitgenodigd”, lacht Visser. Uiteindelijk is dat optreden bepalend geweest, weet Visser. Toen duidelijk werd dat we de plaat gingen uitbrengen bij Matador was Nederland ook om.

Overal lees je dat met Pharmacy of Love jullie weer terug zijn bij de energie van toen. Hoe zie je dat zelf?

Dat klopt op zich wel. De fun in het spelen is nooit echt weg geweest, maar de ‘excitement’, de energie, is echt weer zoals aan het begin. Je hebt soms, en dat kun je toch niet altijd even goed uitleggen, maar dat alles op het goeie moment in elkaar valt. Dat alles klopt. Dat is nu bij Pharmacy of Love weer gebeurd!

Op 28 maart speelt Bettie Serveert om 19:30 in Paradiso

http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/43133451

TED-tip #4 Tod Machover: Playing the music in your head

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 22 - 2010

Regelmatig tipt MindNote over een TED-presentatie met interessante en/of handige ideeën over muziek, edutainment en e-cultuur. Tijdens deze jaarlijkse conferenties houden allerhande invloedrijke denkers een lezing van maximaal twintig minuten over hun eigen expertise. Deze voordrachten staan allemaal online en gaan in eerste instantie over technologie, entertainment en design (TED), maar gaan steeds vaker ook over wetenschap, kunst, economie en maatschappelijke onderwerpen.

De Amerikaanse Tod Machover is een invloedrijke componist en heeft veel nieuwe technologie voor muziek ontwikkeld. Hij is muziekprofessor geweest bij het toonagevende MIT Media Lab (Camebridge, USA) heeft onder andere de technologie achter het computerspel Guitar Hero uitgevonden. In deze te gekke video vertelt hij over allerlei nieuwe methoden/interfaces om muziek te componeren, te spelen en ervan te genieten.

Eerdere TED-tips:

Charles Leadbeater: The rise of the amateur professional

Yochai Benkler: Open-source economics

Howard Rheingold: Way-new collaboration

Wekelijks Twitter overzicht van 2010-02-22

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 22 - 2010

4 Maart Lezing/Workshop Muzikant 2.0 @ CREA Amsterdam

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 18 - 2010

Muzikant 2.0. Over Twitter en Web-2.0 voor muzikanten.

Je speelt in een band, hebt een website laten maken door een vriend en meteen ook maar een MySpace, Facebook en Twitter profiel gemaakt. Dat schijn je namelijk echt te moeten hebben! Hoe ga je nu verder? Waarom zou je hieraan meedoen en wat heb je eraan? Zijn er nog alternatieven? Zijn ReverbNation, BandCamp en Last.fm niet veel geschikter? Wie is je publiek en waar zitten je fans? Wat is eigenlijk je boodschap en hoe verkondig je deze het beste op welk platform? Wat doe je met je biografie en heeft het nog zin om een demo-cd te maken?

MindNote geeft op 4 maart antwoord op deze vragen. Aan de hand van succesvolle en minder succesvolle voorbeelden vertelt MindNote over wat je beter wel en niet kunt doen als muzikant 2.0. Als mediawetenschapper, gitarist bij NEON, journalist bij 3VOOR12/Amsterdam, programmeur bij CREA Plug & Play en workshop-docent bij Stichting PopSport, heeft MindNote vanuit verschillende perspectieven een brede kijk op 2.0 ontwikkelingen in de muziek.

Wat? Lezing/Workshop

Wanneer? 4 Maart 20:00 – 21:00

Waar? CREA Muziekzaal Amsterdam

Voor wie? Muzikanten en andere geïnteresseerden in de laatste ontwikkelingen op het gebied van muziek maken, delen en consumeren

====

Vanaf 21:00 begint CREA Plug and Play met de drie rockbands: The Pleasure Principle, 50 Grams of Violence en New Age Peasants.

TED-tip #3 Charles Leadbeater: The rise of the amateur professional

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 15 - 2010

Regelmatig tipt MindNote over een TED-presentatie met interessante en/of handige ideeën over muziek, edutainment en e-cultuur. Tijdens deze jaarlijkse conferenties houden allerhande invloedrijke denkers een lezing van maximaal twintig minuten over hun eigen expertise. Deze voordrachten staan allemaal online en gaan in eerste instantie over technologie, entertainment en design (TED), maar gaan steeds vaker ook over wetenschap, kunst, economie en maatschappelijke onderwerpen.

De Britse Charles Leadbeater is een invloedrijke denker op het gebied van innovatie en creativiteit en adviseerde vele grote bedrijven, steden en overheden. In 2008 schreef hij het boek We-think over de macht de massa creativiteit. Hij zegt hierin dat in onze toekomstige samenleving participatie een belangrijkere rol zal spelen dan consumptie of productie.

Eerdere TED-tips:

Yochai Benkler: Open-source economics

Howard Rheingold: Way-new collaboration

Wekelijks Twitter overzicht van 2010-02-15

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 15 - 2010

Muzikant en fan in een convergente muziekcultuur

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 11 - 2010

In deze serie artikelen in het dossier ‘Muzikant 2.0’, wordt vanuit een theoretisch perspectief gekeken naar het huidige aanbod van online websites en tools voor de muzikant. Het zijn geen handleidingen waarin alle mogelijkheden worden beschreven, maar de nadruk ligt erop het gebruik en de betekenis van deze sites te plaatsen in een langer historisch handelen van de muzikant. Aan de hand van diverse concepten (convergence culture, celestial jukebox, cloud computing, participatory culture, rhizoom, star system etc.) zullen diverse muziekwebsites worden geïnterpreteerd.


De komst van ICT zorgt voor een vervagend onderscheid tussen de productie, distributie en consumptie van muziek. Consumenten kunnen via streaming sites eenvoudig muziek beluisteren of door middel van peer-to-peer-netwerken zelfs gratis muziek met elkaar delen. Muzikanten kunnen via ‘social media’ zelfstandig muziek distribueren en eenvoudig in contact staan met hun publiek.

Doordat deze digitale technologieën de manieren veranderen om muziek te maken, te distribueren en te luisteren, zijn de spelregels van de muziekindustrie drastisch gewijzigd. Door de grenzen tussen de ‘oude’ en ‘nieuwe’ media en tussen ‘mainstream’ en subculturen te bekijken, kunnen deze zogenaamde ‘prosumenten’ in een groeiende participatie muziekcultuur beter worden begrepen.

De essentie van de veranderende grenzen tussen muziekproducenten en muziekconsumenten wordt inzichtelijk beschreven door mediatheoreticus Henry Jenkins. Hij spreekt over een convergente cultuur waar nieuwe en oude media – grassroots and corporate media – met elkaar botsen. In de muziekwereld zie je duidelijk spanningen tussen de conventionele ‘commodificatie’ van muziek en de groeiende sociale productie van muziek.

(In het Engels is een commodity een product of dienst dat wordt gekocht of verkocht. Zodra deze ‘objecten’ worden verhandeld, nemen zij een bepaalde waarde aan en gaan hun eigen leven leiden: commodificatie. De commodificatie van muziek is dus het proces wanneer muziek een bezitbaar goed wordt.)

Aan de ene kant kunnen muzikanten door deze profielsites nu dus voor het eerst in de geschiedenis zélf wereldwijd muziek delen met het publiek. Kleine onafhankelijke grass roots muzikanten zijn minder afhankelijk van het netwerk van platenmaatschappijen, distributeurs en boekingsbureau’s, maar ook grote artiesten (die voor de grootste inkomsten zorgen) zoals bijvoorbeeld Radiohead lieten zien zelf met hun muziek de digitale boer op te kunnen.

Aan de andere kant hebben muziekfans nu instrumenten gekregen om eenvoudig gratis muziek te luisteren, eventueel te veranderen én dit te delen met je vrienden van de site. Deze vrienden kunnen over de hele wereld zitten en creëren zo een waardevol netwerk van fans die elkaar aanbevelingen en parodieën sturen. Platenmaatschappijen en distributeurs staan dus niet alleen langs de zijlijn te kijken naar het afbrokkelen van hun eigen macht, maar zijn ook getuige van het ontstaan van een nieuwe convergente muziekcultuur. Een leuk voorbeeld hiervan is onderstaand filmpje van de virtuoze gitarist Yngwie Malmsteen.

Jenkins legt het onderscheid en de wisselwerking tussen massacultuur en populaire cultuur helder uit. Massacultuur heeft volgens hem te maken met de productiekant en populaire cultuur met de consumptiekant.

“…popular culture is what happens to the materials of mass culture when they get into the hands of consumers, when a song played on radio becomes so associated with a particular romantic evening that two young lovers decide to call it “our song”, or when a fan becomes so fascinated with a particular television series that it inspires her to write original stories about its characters.”

Populaire cultuur ‘ontstaat’ dus wanneer massacultuur geannexeerd wordt door de consument. De verhalen, beelden en muziek die door de massacultuurindustrie uit de folkcultuur tot haar eigendom zijn geclaimd (denk aan Disney die oude verhalen van de gebroeders Grimm tot haar eigendom heeft gemaakt), worden door middel van de populaire cultuur weer herclaimt als een nieuwe soort –convergente – folkcultuur.

In de éénentwintigste eeuw openbaart de ‘grassroots creativity’ van het gewone publiek zich weer aan de massa door gebruik te maken van nieuwe technologieën. Jenkins spreekt daarom van een grassroots convergence, die het oude proces van the folk cultuur representeert, maar dan in een versnelde en uitgebreide digitale versie. Waar de oude folkmuziekcultuur gebaseerd is op het lenen van de voorvaderen en de moderne media gebaseerd zijn op het ‘lenen’ van de folkmuziekcultuur, is de nieuwe convergente muziekcultuur gebaseerd op het lenen van de diverse populaire cultuur, die ‘eigendom’ is van mediaconglomeraten.

Boektip #6 De Muzikantengids – Jan van der Plas

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 10 - 2010

Regelmatig bespreekt MindNote een boek met interessante en/of handige ideeën over muziek, edutainment en e-cultuur. Deze keer:

De Muzikantengids

‘Alles wat je moet weten over de muziekwereld’

Auteur: Jan van der Plas

Jaar: 2006, vierde editie, tweede druk

Website: http://www.muzikantengids.nl

Met deze introductie tot de muziekwereld geeft Van der Plas een handig overzicht van de meest essentiële aspecten waar een muzikant mee te maken kan krijgen. In de acht secties – (A) Muziek maken, (B) Muziek verkopen, (C), Administratie, (D) Optreden, (E) Geluidsdragers, (F) Rechten, (G) Muziek als beroep en (H) adressen – wordt niet echt heel diep ingegaan op specifieke zaken, maar dat komt de leesbaarheid wel ten goede. Het is een makkelijk leesbaar en handig (erg compleet) overzicht van de meeste aspecten waar muzikanten tegenaan lopen.

A. Muziek maken

In het eerste hoofdstuk worden allereerst allerlei primaire tips besproken voor de aanschaf van een instrument. Ook komt de bouw en klank aan bod van de gitaar, bas, keyboard, drum, dj- en zangapparatuur. Ook al ben je zoals ik een gitarist, dan is het alsnog leuk om wat algemene dingen te lezen over de instrumenten van je medebandleden. Handig is ook de paragraaf over het verzekeren van je muziekinstrumenten waar de voor- en nadelen van het uitbreiden van je inboedelpolis of het afsluiten van een aparte instrumentenverzekering worden besproken.

In hoofdstuk twee wordt er een overzicht gegeven van allerlei soorten van muziekeducatie: van privé-les en tabulatuur op internet tot muziekscholen, popopleidingen, conservatoria, muziekmanagement- en audio design-opleidingen.

B. Muziek verkopen

Hoofdstuk drie behandelt meer commerciële aspecten van muziek. Doordat muziek als een product verkocht wordt, ontstaat er een spanningsveld tussen de kunst en de handel. Door meer inzicht te krijgen in de marketing van jouw muziek, kun je je eigen beeldvorming beïnvloeden, achterhalen wie jou publiek is en hoe je hen het beste bereikt.

Hoofdstuk vier geeft praktische tips hoe je het opzetten van een band het gestructureerd kunt aanpakken. Zaken als een muzikaal of zakelijk leider aanwijzen en concrete doelen formuleren komen aan bod. Ook de omschrijvingen van het vinden van een oefenruimte, de keuze voor het spelen van covers of het schrijven van nummers, het efficiënt instuderen van het repertoire en het samenstellen van een setlist, bieden zelfs voor ervaren muzikanten nog leuke inzichten.

In hoofdstuk vijf worden essentiële onderdelen van de promotie van een band besproken: demo, biografie en foto. Vervolgens komen enkele praktische tips hoe je daar nu verder mee aan de slag moet gaan: netjes bijhouden wie je wat hebt verstuurd, het belang van nabellen, het creëren van een hype en waarom je mee zou doen aan talentenjachten.

Het zesde hoofdstuk gaat in op de omgang met de media. Niet alleen tips voor de muzikant komen aan de orde, maar ook meer achtergrond informatie over de werking van de schrijvende pers, het houden van interviews, de impact van radio, televisie en videoclips.

C. Administratie

Hoofdstuk zeven begint met het opzetten van een boekhouding. Aan de hand van herkenbare situaties voor een muzikant wordt het kas- en bankboek, de afschrijvingen, de resultatenrekening en de balans besproken. Wederom niet uitputtend, wel degelijk.

In hoofdstuk acht komen belastingzaken aan bod. Heel globaal wordt de het stelsel van de belastingheffing in Nederland uitgelegd. Vervolgens gaat Van Der Plas dieper in op zaken die van belang zijn voor de muzikant. De artiestenregeling met  bijvoorbeeld uitleg over de gageverklaring, de kleinevergoedingsregeling en de kostenvergoedingsbeschikking. Verder wordt uitgelegd hoe de belastingaangifte     voor een muzikant verloopt, welke kosten hij of zij kan aftrekken en hoe het zit  met de BTW.

In het negende hoofdstuk komen de verschillende rechtsvormen zoals de eenmanszaak, vereniging, stichting en BV aan bod. Al met al biedt sectie C een handig overzicht van de meeste administratieve aspecten van de muzikant. Voor diegene die hierover graag uitgebreider wil lezen, raad ik het boek Musiconomie van Ton Lamers aan waar ik in november al een boektip over schreef.

D. Optreden

Hoofdstuk tien gaat over boekingen en management. Interessant om te lezen is hoe het clubcircuit werkt en bepaalde zalen vaak afhankelijk zijn van subsidies. Zo worden niet  alleen podium- en projectsubsidies besproken, maar ook hoe anders het kan gaan in het commerciële circuit. Er staan handige tips over hoe je zelf aan de slag kunt met het boeken van optreden, hoe je het beste kunt onderhandelen met een programmeur en wanneer je een contract opstelt. Daarna wordt het misschien tijd voor een boekingskantoor en een manager. Ook hierover staat wat bruikbare beschrijvingen hoe je zoiets aan kunt pakken.

Hoofdstuk elf bespreekt het reilen en zeilen van optredens. Van de voorbereiding zoals het huren of kopen van een PA, het maken van een stageplan, het huren van een bus en het houden van een soundcheck, tot het optreden en afbouwen: arbeidsomstandigheden (bijv. boven 85 dB gehoorbeschermers dragen), catering en consumpties en tot slot en opbreken van de apparatuur en het afrekenen met de zaaleigenaar.

Het twaalfde hoofdstuk bespreekt allerlei mogelijkheden om te spelen in het buitenland. Van muziekbeurzen tot voorprogramma’s en de verschillen in mogelijkheden voor coverbands en bands met eigen werk. Ook hier beschrijft Van Der Plas kort diverse buitenlandse belastingzaken, subsidiemogelijkheden en diverse valkuilen voor het boeken van hotels en het opzetten van een tournee. Ook aan zaken als invoerrechten bij het meenemen van goederen over grens, technische tips over verschillende stekkers en voltages en over afsluiten van diverse verzekeringen heeft hij gedacht.

E. Geluidsdragers

In hoofdstuk 13 over de studio worden eerst allerlei handige studiotermen uitgelegd en daarna worden de voor- en nadelen van digitaal en analoog opnemen besproken. Daarna benoemt Van Der Plas de kwalitatieve en financiële verschillen tussen budget- en professionele opnamen. Belangrijke aspecten over het productieproces helpen de muzikant met het juiste budget uiteindelijk de gewenste opname te verwezenlijken: de preproductie, de studio-opname, de mix en het masteren.

Hoofdstuk 14 gaat verder in op uitbrengen van een cd in eigen beheer. De processen van het persen (glasmaster, persing), de hoes (ontwerp, lithografie, drukwerk, verpakking) en de mechanische rechten (Stemra) komen aan bod. Alles weer begeleid met overzichtelijk tabellen met voorbeeldbegrotingen.

In hoofdstuk 15 worden vervolgens de internationale en Nederlandse platenmaatschappijen, A&R-managers, onderhandelingen, platencontracten overdracht van rechten, royaltypercentages,  buitenlandse verkopen, releasegaranties en de kleine lettertjes besproken. Op dit moment heb je het al aardig ver met je band geschopt en zelfs dan biedt De Muzikantgids nog waardevolle tips voor en voorbeelden van al deze aspecten.

F. Rechten

Wanneer je denkt nu al wel alles over de muziekindustrie te hebben gelezen, dan kom je bedrogen uit. Het boek bevat nog twee interessante secties waaronder deze over het auteursrecht en naburige rechten, de muziekuitgever en Internet.

De verschillende instanties die hiermee te maken hebben, worden in hoofdstuk 16 besproken. Denk hierbij aan de belastingdienst en Buma/Stemra, maar bijvoorbeeld ook het pensioenfonds voor zelfstandige kunstenaars AENA. Van Der Plas bespreekt de voor- en nadelen van het aansluiten bij de Buma/Stemra, wat er gebeurt wanneer je een nieuwe compositie aanmeldt, hoe de verdeling en uitbetaling verloopt, wanneer er sprake is van plagiaat, maar ook meer recente ontwikkelingen met betrekking tot sampling.

In hoofdstuk 17 wordt de muziekuitgever uitvoerig besproken. Verschillende verdeelsleutels komen aan bod bij het muziekuitgavecontract (ook wel publishingdeal), een fondsovereenkomst en een administratiedeal. Ook zogenaamde demodeals, voorschotten en ‘de kleine lettertjes’ worden niet overgeslagen.

In hoofdstuk 18 worden de gevolgen van de komst van het internet besproken. Voor- en nadelen van digitale distributie, de kopieerbeveiliging DRM, je eigen website (kunnen aanbieden van muziek, gebruik maken van promotionele mogelijkheden, inzetten van meta tags, met je muziek aanwezig zijn op demosites en muziekportals. Ondanks dat deze vierde editie die ik hier bespreek uit 2006 komt en er de afgelopen vier ongekend veel veranderd is in de muziekwereld, zijn de basisprincipes die De Muzikantengids bespreekt verassend correct en accuraat geformuleerd.

G. Muziek als beroep

In de twee laatste hoofdstukken komen de eerdere hoofdstukken over de verschillende bronnen van inkomsten samen.

In hoofdstuk 19 wordt aan de hand van diverse staatjes en berekeningen een kijkje in de keuken gegeven van de rockster, een rapcrew, een deejay, een popzanger, een coverband, een punkband,. Erg leuk om bij deze verschillende artiesten te lezen over de verhoudingen tussen en inkomsten van optredens, cd-verkoop, auteursrechten en merchandise.

Hoofdstuk 20 houdt iedere ambitieuze muziek een spiegel voor hoe het is om beroepsmuzikant te zijn. Niet iedereen zal een bepaald niveau halen als muzikant, maar in de periferie kun je dan altijd nog werken bij een poppodium, een boekingskantoor, een geluidsbedrijf, een studio, een platenmaatschappij, een omroepbedrijf of lesgeven.

Ook verschillende uitkeringen worden besproken zoals de Wet Werk en Inkomen Kunstenaars (WWIK), de Werkloosheidwet (WW), de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Zorgverzekeringswet, de Ziektewet (ZW), de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) en de Algemene Ouderdoms Wet (WAO) komen aan bod.

Tot slot tipt Van Der Plas nog verschillende vakbonden voor popmuzikanten (de Bijzondere Vakgroep Popmuziek van FNV KIEM (BV Pop), de Nederlandse toonkunstenaarsbond (Ntb) en de vakgroep muziek van de CNV Kunstbond (CNV)) en andere belangenorganisaties zoals de Vecta (arbeidsbemiddelaars in de amusementswereld), Vereniging Nederlandse Poppodia (VNP) (zalen in het clubcircuit), Koninklijke Horeca Nederland (discotheek- en caféhouders), NVPI (platenmaatschappijen), Vereniging Professionele Auteurs van Lichte Muziek (PALM) (componisten en tekstdichters), de Nederlandse Muziek Uitgevers Vereniging (NMUV) (de muziekuitgevers in hun rol als makelaar in muziek) en de Vereniging van Muziekhandelaren en -Uitgevers in Nederland (VMN) (bladmuziekhandel).

H. Adressen

In de allerlaatste sectie staan allerlei netjes gecategoriseerde adresgegevens van de in de voorgaande hoofdstukken gepasseerde instanties en podia:

  • Advies (belasting, juridisch, management)
  • Media (publieke, commerciële en regionale omroepen, landelijke en regionale dagbladen, muziektijdschriften, muzikantenmagazines, vakbladen en persbureaus)
  • Muziekindustrie (muziekuitgeverijen, platengroothandels/distributeurs, platenmaatschappijen, pluggers/publiciteit en cd-fabrieken)
  • Onderwijs (Hoger beroepsonderwijs en andere opleidingen)
  • Optreden (boekingen, clubcircuit, festivals en evenementen)
  • Organisatie (landelijk en provinciaal)

Hoewel de omslag en de illustratie binnenin doen vermoeden te maken te hebben met een boek voor middelbare scholieren, biedt De Muzikantengids voor zowel beginnende als professionele muzikanten een schat aan handige en inspirerende informatie.

TED-tip #2 Yochai Benkler: Open-source economics

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 8 - 2010

Regelmatig tipt MindNote over een TED-presentatie met interessante en/of handige ideeën over muziek, edutainment en e-cultuur. Tijdens deze jaarlijkse conferenties houden allerhande invloedrijke denkers een lezing van maximaal twintig minuten over hun eigen expertise. Deze voordrachten staan allemaal online en gaan in eerste instantie over technologie, entertainment en design (TED), maar gaan steeds vaker ook over wetenschap, kunst, economie en maatschappelijke onderwerpen.

De Amerikaan Yocai Benkler doceert rechten aan de universiteit van Harvard en publiceerde onder andere in 2006 het boek The Wealth of Networks. Hierin keek hij hoe sociale productie kan bijdragen aan de transformaties van diverse markten en waardoor grotere vrijheden kunnen ontstaan.

Eerdere TED-tips:

Howard Rheingold: Way-new collaboration

Wekelijks Twitter overzicht van 2010-02-08

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 8 - 2010

Jelle Paulusma (Paulusma en ex-Daryll-Ann) over muziekeducatie

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 5 - 2010

Jelle Paulusma is muzikant, componist en producer en speelde de afgelopen 25 jaar voornamelijk gitaar. Paulusma is de voormalig zanger van Daryll-Ann en op de vraag hoe hij zelf lesgeeft antwoordt hij scherp “Het is maar hoe je het bekijkt”.

Welke muziekeducatie heb je zelf genoten? (en heb je ervan genoten?)

Op de middelbare school heb ik me door de blokfluit en het glockenspiel heen gebluft en hing ik elke dinsdagmiddag in de schooldiscotheek met m’n vrienden. Plaatjes lenen. Bandje begonnen. Een drumstel maakten we van zo’n grote OMO wastrommel, potten, pannen en deksels. Een National 10-watter voor de gitaar en de zang en de bas ging via het cassettedeck door de stereo installatie. Vervolgens heel veel covers spelen. The Ramones, The Jam, The Police, The Stranglers, The Cure, Ivy Green, Joe Jackson. Later Neil Young, REM, VU, The Byrds, Hüsker Dü….

Op woensdagen aan de radio gekluisterd. Stoffer & Bentz. Muziekeducatie via de ether: Heartlands, Gonzo Radio. En ook Spleen, Rauhfaser, Betonuur. Radioprogramma’s over muziek met een inkijk in de achtergrond. Kom daar nog maar eens om. Gitaar leren spelen van Neil Young, leren zingen met m’n vrienden, tips van Henk Jonkers, ervaringen uitwisselen, kijken en luisteren….wat kan ik zeggen.

Waar moet volgens jou het accent op liggen bij muziekeducatie?

Op de faciliteiten. Alles wat je nodig hebt, is een donker hol om te kunnen repeteren. Klooien, experimenteren, covers spelen….heel veel covers. En dan onbevangen erin met z’n allen. Geloof in eigen kunnen, inzicht in je eigen beperkingen. Passie. Je eigen weg vinden. Als je geluk hebt, zit er in 1 van je vrienden een songschrijver. Misschien wel in allemaal. De noodzaak om nummers te willen schrijven, is niet aan te leren. Die voel je of niet. Daar groei je in of niet. Tis dus een beetje geluk hebben, talent, maar vooral drive. Al met al ligt aan de basis: De wil om samen met je medemuzikanten de uitdaging aan te gaan om, spreekwoordelijk, het wiel opnieuw uit te vinden. De rest is bijzaak of van later zorg.

Welke rol denk je dat nieuwe media (internet, iPod, gsm, games) kunnen vervullen bij muziekeducatie?

Nou….je hoeft niet meer op de fiets naar de muziekbibliotheek om platen te lenen. Je hoeft ook niet meer naar de winkel om een Beatlesboek met akkoorden te kopen. Staat allemaal online. En als je er echt niet meer uitkomt, een beetje googlen en mailen met je favoriete muzikant.

Hoe is het met…? Moke

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 5 - 2010

2009 had een kop en een staart

[3VOOR12/Amsterdam - 4 februari 2010]

In 2007 zette de Amsterdamse band Moke zich met hun debuut Shorland stevig op de kaart. Afgelopen jaar kwam de groep met de goed ontvangen opvolger The Long & Dangerous Sea. Ze waren samen met Junky XL te zien in een reclame van een bekend biermerk en eindigden met de single Switch boven allerlei internationale acts op de negende plaats van de 3VOOR12 Song van het Jaar. 3VOOR12/Amsterdam sprak met gitarist Phil Thilli.

Hoe heb jij het afgelopen jaar ervaren?

2009 is echt een kop-en-staart-jaar voor de band geweest. Precies een jaar geleden zijn we grotendeels begonnen met het schrijven van de plaat. We wisten dat de plaat in september zou uitkomen en dan ga je terugrekenen. Je realiseert je dan dat je maar een klein half jaar hebt om de liedjes te schrijven, te arrangeren en ze vervolgens op te nemen. Juni stond rood omcirkelt in onze agenda, want dan zouden we de studio ingaan. Met andere woorden, in januari wisten we nog niet hoe de plaat ging klinken, eind mei hadden we alle liedjes bij elkaar en in juni tot half juli hebben we alles opgenomen. Vervolgens stonden we in september die plaat te presenteren en in december deden we het voorlopig laatste optreden van de landelijke tour. Dus het hele jaar stond in het teken van het maken, uitbrengen en spelen van de nieuwe plaat.

Toen jullie op Lowlands stonden was de plaat net klaar. Dat was zeker best eng?

Klopt. Het optreden was een paar weken voor de release en toen vonden we eigenlijk dat we veel nieuwe nummers moesten spelen aangezien we geboekt waren om de nieuwe plaat. We hebben in de week voor Lowlands op het podium van de Waerdse Tempel die hele plaat in een live-setting ingestudeerd. Op Lowlands hebben we toen vrij risicovol acht nieuwe liedjes van die plaat gespeeld. Dat was natuurlijk heel spannend want al die liedjes beleefden live hun vuurdoop.

Wat was voor jou persoonlijk het hoogtepunt?

De finale-show in Paradiso want daar kwam alles mooi samen. Het was het einde van de tour dus alle nummers zaten er goed in en Benjamin Herman speelde een nummer mee.

..en jij kwam die avond net terug vanuit het glazen huis in Groningen.

Ja dat was een avond om nooit te vergeten. Heel bizar. Er was een weeralarm afgekondigd dus het was een spannende trip. We werden met een escorte begeleid tot aan de ring van Groningen en konden daarna redelijk doorrijden op de snelweg. Ik moest mijn meisje uiteraard steunen en het was echt raar geweest wanneer zij uit het glazen huis was gekomen en zich bij niemand in de armen kon laten vallen. Aan de andere kon ik het natuurlijk niet maken om 1500 fans met gekochte tickets te laten wachten. Het kwam uiteindelijk allemaal goed en de avond werd sfeervol afgesloten met het zingen van White Christmas.

Wat kunnen we komend jaar van Moke verwachten?

Wegens een succesvolle najaarstour is de clubtour in Nederland nog een aantal maanden verlengd tot en met maart. Daarna gaan we een tijdje naar Duitsland, want de plaat komt tegen die tijd daar ook uit. De afgelopen weken zijn Felix en ik al een aantal keren voor interviews die kant op geweest, omdat men daar ook nieuwsgierig is. Daarna zullen we in de zomer ook veel festivals gaan doen.

Wat zou je jij zelf nog graag willen bereiken?

Ik zou natuurlijk heel graag weer op Pinkpop staan en op andere grote festivals. Ik besef me ook heel goed hoe gaaf het gewoon is om deel uit te maken van deze band en hoop daarmee gewoon door te kunnen gaan. Het is mooi om te zien dat bepaalde dingen waar je je voor inzet gewoon werken. Het is te gek om te zien hoe we afgelopen jaar een plaat hebben gemaakt en komend jaar weer kunnen uitkijken naar veel optredens.

Afgelopen jaar werd een zaadje geplant en komend jaar kan er worden geoogst.

Exact, helemaal juist.

http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/43067186

‘Muziek’ middels RFID

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 3 - 2010

Martin Kaltenbrunner is professor Interface Culture bij de University of Art and Industrial Design in Linz. In onderstaande demonstratievideo laat hij zien hoe de zogenaamde nfOSC  tool in combinatie met een RFID-lezer een loop met geluidsfragmenten kan starten. Zodra de RFID-lezer een RFID tag detecteert start de loop en stopt wanneer de tag weer weg wordt gehaald. De gebruikte geluiden zijn verkregen van de website freesound.org en voor geïnteresseerden is de nfOSC  tool hier te downloaden.

Symposium Media van Morgen (deel 2)

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 2 - 2010

In een achttal TED-achtige voordrachten bespraken donderdag 21 januari docenten en alumni van de Universiteit Utrecht vanuit hun eigen expertise hoe de media van morgen er uit zouden kunnen gaan zien. Voor de pauze spraken Imar de Vries, David Nieborg, Shirley Niemans en Stijn Bannier.

Jago van den Akker » Leren en de Media van Morgen

Na de pauze vervolgt Jago van den Akker het symposium Media van Morgen door een tipje van de sluier op te lichten over de toekomst van leren. Momenteel werkt hij als projectleider e-learning bij TinqWise, maar tijdens zijn stage hield hij zich al bezig met e-learning bij Mediamatic en voor de Flinders University in Adelaide. Daarnaast is Van Den Akker actief als grafisch vormgever en maakte onder andere het logo voor Studievereniging Contact. Tegenwoordig zet hij zich ook in voor El Desafio Foundation.

Voor de toekomst van het leren wijst Van den Akker op het zogenaamde ‘enhanced learning’. Hij voorziet niet zozeer een vervanging van de huidige manier van onderwijs, maar ziet ICT vooral als een aanvulling op regulier onderwijs en noemt hierbij vier belangrijke aspecten.

Ten eerste zal zelfexpressie een belangrijke rol gaan spelen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de manier waarop wij onze vakantiefoto’s delen op netwerksites, of op professioneel vlak zie je steeds meer mensen vaker zeggen ‘hallo ik ben hier’ en ‘verrek, jij ook’.

Een tweede punt dat in toekomstig onderwijs een rol zal gaan spelen is optimalisatie. De manier waarop informatie tot ons komt zal steeds efficiënter georganiseerd moeten worden. In een wereld waar meer podcasts en ‘augmented reality’ verschijnen, zullen leerlingen nieuwe manieren moeten aanleren om wegwijs te worden in het aanbod van informatie: van stappen, naar zoeken, naar synthetiseren.

Een derde aspect is synergie: winnen door te delen. Ter illustratie bespreekt Van de Akker een kappersopleiding die een educatieve online omgeving initieerde. Daar waren instructievideo’s te zien van zowel bekende kappers als van leerlingen. Door onderling kennis met elkaar te delen door middel van User Generated Content (UGC), ontstond een waardevolle database met lesmaterie voor de studenten. Een ander voorbeeld was de module voor de ABN-AMRO beleggers-academie. Door hiermee iets terug te geven aan de klant, wist ABN-AMRO indirect rendement te behalen voor zichzelf. “Kennis is macht en die moet of kun je delen”, redeneert Van den Akker.

Het laatste punt waar hij op wijst is het netwerk als referentie. Leren staat namelijk niet meer op zichzelf, maar richt zich steeds vaker ook naar buiten toe. Toekomstig onderwijs zal zich hiervan bewust moeten zijn en op zoek moeten gaan naar manieren om netwerkomgevingen te faciliteren.

Jeroen Steeman » Politiek en de Media van Morgen

Jeroen Steeman studeerde in 2005 af met een scriptie over weblogs en politiek. Momenteel werkt hij onder andere voor GroenLinks en de Groene fractie in het Europees Parlement. In mei 2009 won hij met GroenLinks een award voor de beste verkiezingswebsite.

Steeman herinnert zijn publiek eraan dat toen hij in 2005 zijn scriptie schreef over ‘De kloof tussen politiek en burger’, het real-time web zoals we dat nu kennen (met Twitter, tv kijken met laptop op schoot etc.) er nog niet was. Nu het steeds eenvoudiger is om een boodschap uit te dragen, benadrukt hij toch nog het belang en grote bereik van de oude media (tv, radio, kranten) met haar ‘langzame nieuwstroom’. Hij illustreert dit met een video van het NOS nieuws over de berichtgeving van de benoemingen van Kroes en Jeleva. Aan de hand hiervan uit Steeman zichtbaar zijn politiek gekleurde frustratie en onmacht ten opzichte van deze oude media.

Zoals we echter bij Obama gezien hebben, bieden nieuwe media wel degelijk een alternatief. Steeman adviseert wel om de mensen op te zoeken in hun eigen omgeving. Probeer het publiek dus niet naar de website van Groenlinks te lokken, maar zorg er voor dat zij bijvoorbeeld op Youtube de juiste filmpjes kunnen vinden.

Levien Nordeman en Tijmen Schep » Kunst en de Media van Morgen

Op de website van Media van Morgen worden deze heren als volgt geïntroduceerd: “Tijmen Schep en Levien Nordeman studeerden Digital Media Design aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, voordat ze aan de master Nieuwe Media en Digitale Cultuur begonnen. In 2008 studeerden ze beide af, Levien met een scriptie over web 2.0 en e-cultuurbeleid, Tijmen met een scriptie over ubiquitous computing ideologie. Naast andere projecten in het onderwijs en de cultuursector werken Tijmen en Levien voor Stichting NetNiet.org dat draadloze mediakunst in de publieke ruimte promoot. NetNiet.org is samen met Born Digital en z25.org betrokken bij het opzetten van een medialab in Utrecht.”

Schep trapt af door zijn publiek een dilemma over de functie van kunst voor te schotelen. “Vroeger had kunst een publieke functie. Het was een manier voor de maatschappij om na te denken, om te redeneren. Nu, in de tijd van interactieve massamedia is de kunst veranderd. De vraag is dan wat dit doet met ons als publiek?” Deze vraag koppelt hij aan het gezegde over Mohammed en de Berg (Als de berg niet tot Mohammed wil komen, dan moet Mohammed naar de berg gaan). Met andere woorden, als het publiek niet meer naar het museum komt, dan moet het museum maar de publieke ruimte in.

Aan de hand van een ‘behoorlijk heftige slide’, probeert Schep dit te verduidelijken: “Een teveel aan communicatie doet alle kritische afstand imploderen in de hyper realiteit van een onverschillige intimiteit” (J. Baudrillard). Hiermee bedoelt hij dat een kunstenaar tegenwoordig opgroeit in een wereld van massacommunicatie met miljoenen stemmen. Wat ga jij dan als kunstenaar doen, meeschreeuwen? Hierdoor ontstaat een bijna betekenisloze “publiekheid zonder publiek sfeer” (P. Virilio) merkt Schep op.

De reactie van digitale kunstenaars is volgens Schep namelijk vaak als “The avant-garde of the control society” (A. Broekman). Kunstenaars kijken bijna alleen maar naar wat er allemaal met de nieuwste digitale middelen kan. Hierdoor zijn het gewoon nerds die kunst maken met gadgets. Er wordt dan kunst gemaakt vanuit de technologie en dat kan volgens Schep ook best anders.

Schep refereert aan de Coltan oorlogen in Afrika. Bepaalde stoffen die uit deze erts gewonnen kunnen worden, belanden uiteindelijk in mobiele telefoons, spelcomputers en laptops. Dit voorbeeld illustreert dat er veel grotere issue’s aan de hand zijn in de wereld. Deze verhalen worden vaak niet verteld door nieuwe media kunstenaars. Het is dus tijd voor wat reflectie, of zoals Schep het zelf bestempelt “behoefte aan postmoderne ideologische kritiek”. Aan de hand van enkele activiteiten die zij hebben georganiseerd, sluit Nordeman de presentatie af.

Ik zal niet alle voorbeelden bespreken, maar de ‘participatory installation’ op het Gifted op het Impact Festival in 2008 is nog wel leuk om even kort te vermelden. Hierbij werd gekeken hoe mensen elkaar belonen in de maatschappij. Dit idee was gebaseerd op het science fiction boek Down and Out in the Magic Kingdom waarin niet geld maar populariteit – de whuffie factor – belangrijk is.

Tom van de Wetering » Endnote

Afsluitend blikt initiatiefnemer en masterstudent Nieuwe Media en Digitale Cultuur Tom van de Wetering kort en tevreden terug op deze eerste editie van het symposium. Hij geeft een geinige vooruit blik op de media van morgen en vertelt kort over zijn ideeën voor volgende bijeenkomsten met studenten, docent-wetenschappers en alumni.

De meest interessante gedachte van zijn presentatie vond ik ‘het niet af zijn’ van dingen. Hij noemt bijvoorbeeld de beta versie van Googles Gmail en de voordelen die zo’n fase met zich meebrengt. De verwachtingen bij het publiek zijn veel lager, omdat men begrijpt dat iets nog maar in beta fase is. Men accepteert het wanneer bepaalde zaken dan nog niet helemaal vlekkeloos verlopen. Van de Wetering stuurt zijn publiek naar huis met de prikkelende gedachte of we zelf ook niet wat vaker dingen in beta fase moeten laten. Moeten we wel altijd alles af willen maken en soms niet gewoon meer ‘doen’?

Media van Morgen, 21 januari 2010. Een goed initiatief en hopelijk komt er snel een vervolg (ook bij de Uva??). Alle presentaties staan inmiddels online op het LectureNet van de Universiteit Utrecht.

TED-tip #1 Howard Rheingold: Way-new collaboration

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 1 - 2010

Regelmatig tipt MindNote over een TED-presentatie met interessante en/of handige ideeën over muziek, edutainment en e-cultuur. Tijdens deze jaarlijkse conferenties houden allerhande invloedrijke denkers een lezing van maximaal twintig minuten over hun eigen expertise. Deze voordrachten staan allemaal online en gaan in eerste instantie over technologie, entertainment en design (TED), maar gaan steeds vaker ook over wetenschap, kunst, economie en maatschappelijke onderwerpen.

De Amerikaan Howard Rheingold doceert aan de universiteit van Berkeley en publiceerde in 2002 onder andere het veel geciteerde boek Smart Mobs. Hierin onderzocht hij hoe technologie kan bijdragen aan het vergroten van collectieve intelligente.


Wekelijks Twitter overzicht van 2010-02-01

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 1 - 2010























MindNote RSS nieuwsfeed



Last.fm Profiel pagina


MindNote
Get Adobe Flash playerPlugin by wpburn.com wordpress themes