MindNote | Muziek, Edutainment & e-Cultuur

Weblog van Meindert Bussink "Digitale Duiding"

Berichten uit de categorie ‘Dossier: Muzikant 2.0’

Digitale dinosaurus die maar niet wil uitsterven: MySpace

Bericht geplaatst door Meindert Op September - 7 - 2010

Afgelopen weekend logde ik sinds lange tijd weer even in op mijn MySpace en zag tot mijn verbazing een flink verbeterde interface. Met een paar drukken op de knop kon ik nu eenvoudig mijn profiel ‘upgraden’ en er was zowaar nauwelijks meer iets te merken van de verschrikkelijke layout en de onoverzichtelijke faciliteiten. De elegante witte begin beginpagina was voorzien van duidelijke pictogrammen en een stream met recente activiteiten van je vrienden (vergelijkbaar met Hyves of Facebook).

Belangrijker vond ik de upgrade om je profiel te kunnen bewerken. Tot voor kort was dat nog een helse klus waarbij een of andere vage Pimp-my-profile generator ingeschakeld moest worden om vervolgens een onduidelijke html-code ergens in een vak te plaatsen die daar eigenlijk niet voor bestemd was.

Ik heb veel mensen de laatste tijd al eens horen zeggen dat zij hun MySpace-account maar hebben verwijderd, omdat ze er toch niets meer mee deden. Er zijn inderdaad inmiddels ook allerlei betere alternatieven dan MySpace te bedenken zoals BandCamp, ReverbNation, Facebook etc. Toch denk ik dat MySpace zich met deze grote update weer flink in de kijker weet te spelen. Drie redenen:

* First mover. Aangezien ik sinds 2006 al als muzikant op MySpace zit, heb ik daar inmiddels heel veel contacten verzameld. Van bekende lokale Achterhoekse en Amsterdamse bands tot lokale en nationale kroegen, discotheken, stichtingen etc. Zo’n groot netwerk heb je bijvoorbeeld niet bij Bandcamp, want die site heeft geen netwerk functie. Bij ReverbNation heb ik nooit de moeite genomen (en geen zin gehad) om mijn bestaande contacten daar ook te gaan volgen, want ook niet iedereen zit daar. Op MySpace praktisch wel (!). Alleen Twitter begint qua contacten in de buurt te komen, maar dat is dan alleen een korte tekst-service.

* Elegant uiterlijk. MySpace heeft de afgelopen tijd ook goed afgekeken bij de verschillende concurrenten. Een belangrijke reden waarom muzikanten naar Bandcamp overstapten was omdat het er zo goed, elegant en vrij van reclame uitzag. De geupgrade MySpace is niet helemaal reclame vrij, maar ik durf inmiddels weer met goed fatsoen mensen uit te nodigen voor mijn MySpace profielpagina. Ze hebben namelijk de verschillende blokken met gegevens (foto’s, vrienden, reacties etc.) in verschillende modules ondergracht die je vervolgens eenvoudig wel of niet zichtbaar kunt maken of volgens het WYSIWG-princepe eenvoudig kunt verplaatsen. Kies je ervoor geen enkele module op je pagina te plakken (zoals ik), dan kun je deze nog wel eenvoudig vinden in het linker menu.

* Betere statistieken. Een andere belangrijk argument voor muzikanten om over te stappen naar Bandcamp, waren de handige overzichtelijke statistieken. Ook hier heeft MySpace een flinke inhaalslag gemaakt. Zo staan er in allerlei nette witte tabellen de gegevens over het aantal profielbezoeken en trackplays, waar deze mensen vandaan komen, wat hun leeftijd en geslacht is etc.

Met al deze verbeteringen ga ik de komende tijd in ieder geval me weer eens verdiepen in MySpace. Ook zal ik bij komende presentatie en workshops niet meer de gevleugelde uitspraak gebruiken: “MySpace is zóóó 2006…”

Leestips op Mashable 1 en 2.

Beta-denken over muziek. Over ‘work in progress’ en vooruitgang.

Bericht geplaatst door Meindert Op May - 26 - 2010

In deze serie artikelen in het dossier ‘Muzikant 2.0’, wordt vanuit een theoretisch perspectief gekeken naar het huidige aanbod van online websites en tools voor de muzikant. Het zijn geen handleidingen waarin alle mogelijkheden worden beschreven, maar de nadruk ligt erop het gebruik en de betekenis van deze sites te plaatsen in een langer historisch handelen van de muzikant. Aan de hand van diverse concepten (convergence culture, celestial jukebox, cloud computing, participatory culture, rhizoom, star system etc.) zullen diverse muziekwebsites worden geïnterpreteerd.

Op de middelbare school werd ik bij de tekenles denk ik voor het eerst bekend met het idee dat bij de creatie van ‘iets’, het eindproduct niet zozeer van belang is, maar dat het proces hoe zoiets tot stand komt misschien nog wel belangrijker is. Je cijfer werd gebaseerd op je eindwerkstuk én je portfolio; dat bestond uit allerlei verschillende schetsen, proefversies etc. Destijds vond ik dat irritant en tijdrovend. Nu voorzie ik een hele cultuur die van een dergelijke manier van werken zou kunnen profiteren.

Improviseren

In diezelfde periode richtte ik met een aantal klasgenoten het rockbandje ‘Out of Order’ op. In de ongeveer vijf jaar dat we bestonden, ben ik muzikaal opgegroeid door in luttele jaren nummers van Guns ‘n Roses en Bon Jovi, via Dream Theater en King Crimson uiteindelijk van Frank Zappa en Miles Davis te gaan spelen (en van wat hun ex-bandleden daarna). Terugkijkend zie ik een opvallende rode draad waartoe ik mij blijkbaar aangetrokken voelde. Slash heeft mijn oren geleerd te houden van vieze rammelende, maar mooie sterke melodische gitaarlijnen. Dream Theater zorgde voor een respect voor muzikaal ambacht en door King Crimson zijn mijn oren geopend voor meer dissonante klanken. Bij Zappa en Davis gebeurde er iets anders. Zowel de gitaarsolo’s van Frank als de toetersolo’s van de band van Davis begreep ik niet. Ik vond ze ergens te gek, maar wist niet ‘wat er aan de hand was’. In Zappa komt voor mij gedeeltelijk Slash en King Crimson samen. Vieze rammelende gitaarsolo’s die ondanks hun dissonantie zich toch diep in mij hebben weten te nestelen en waarbij vrijuit wordt geïmproviseerd zonder dat daarbij de structuur van het nummer uit het oog verloren wordt. Om Zappa te parafraseren: ‘Om af te kunnen wijken van de norm, moet je wel weten wat de norm is’.

Media van Morgen

Ongeveer tien na die tekenlessen woonde ik een aantal maanden geleden het symposium ‘Media van Morgen’ bij dat werd georganiseerd door oud-medestudent Tom van de Wetering. Bij zijn afsluitende presentatie wees hij op de waarde van ‘het niet af zijn’ van dingen en refereerde aan de langdurige beta-fase van Google’s Gmail. Een dergelijke probeer-fase brengt namelijk allerlei voordelen met zich mee. De verwachtingen van het publiek zijn bijvoorbeeld veel lager, omdat men begrijpt dat iets nog maar in beta-fase is. Van de Wetering wees erop dat wanneer van te voren wordt aangegeven dat bepaalde zaken wellicht nog niet helemaal vlekkeloos kunnen verlopen, het publiek dit accepteert. Uiteindelijk stuurt hij zijn publiek naar huis met de prikkelende gedachte of we zelf ook niet wat vaker dingen in beta fase moeten laten. Moeten we wel altijd alles af willen maken en soms niet gewoon meer ‘doen’?

Beta-denken

De combinatie van die tekenlessen, de muzikale ontdekkingsreis en de Aha-Erlebnis bij het symposium, hebben bij elkaar opgeteld bij mij een opvatting over muziek gecreëerd die ik ‘beta-denken’ noem. Als ik een definitie zou moeten geven, dan zou ik het als volgt verwoorden:

“Met een concreet muzikaal doel voor ogen, zijn muzikale beta-denkers zich bewust van de openbaarheid van hun gecomponeerde, gearrangeerde en gepubliceerde muziekstukken en staan daardoor open voor en spelen in op de feedback van hun publiek omdat die persoonlijke, artistieke of commerciële ontplooiing zou kunnen bevorderen”

Spread the word

Sinds ik eind vorig jaar regelmatig presentaties geef aan jonge bands, muzikanten en andere geïnteresseerden, tip ik naast andere interessante online initiatieven zoals BandCamp, ReverbNation, The Sixty One, Kompoz etc ook altijd even SoundCloud. Deze post over betadenken is dan ook ontstaan na enkele enthousiaste geluiden (o.a. van Dillectronikvan Nielsvan Martijn) die volgden op mijn reactie over SoundCloud bij deze post van EHPO. Mijn reactie luide als volgt:

Als gitarist schrijf ik allerlei nummers voor verschillende bands en ben ik fan van SoundCloud.

Met name de manier waarop SoundCloud de gebruiker triggert om een creatie als ‘work in progress’ te kunnen bestempelen. Dit doet mij namelijk denken aan de manier waarop Google jarenlang Gmail als een ‘beta’-versie communiceerde.

Wat ik hierbij belangrijk vind, is dat de aandacht zo richting het gebruik en het proces gaat. Tijdens mijn presentaties/workshops aan muzikanten over 2.0-activiteiten probeer ik deze manier van werken ook altijd een beetje te propageren. Ik trek dan altijd de vergelijking met de heren van Go Back To The Zoo die nog niet eens een compleet album hebben opgenomen, maar zich blijkbaar al wel met de opnamen van enkele nummers in de kijker van een major platenlabel hebben weten te spelen. Letterlijk.

Waarbij alle andere websites (MySpace, Bandcamp, ReverbNation etc.) het accent ligt op de oude muziekcultuur filosofie – je richten op en laten horen met je uiteindelijke nummer/versie/schijfje – kan bij SoundCloud eenvoudig voor de optie gekozen worden je creatie als een ‘work in progress’ te bestempelen. Daarmee laat je de buitenwereld zien: ‘Dit is een idee, het is nog niet af, maar het kan misschien wel wat worden. (Met de juiste producer, andere tekst misschien, eventueel toch die bandwisseling waar we al zo lang over zitten te denken…etc)

Ben benieuwd of er gelijkgestemden zijn die deze manier van werken ook zo spannend en interessant vinden.

grtz Meindert

http://soundcloud.com/mindnote

Vooruitgang

In deze roerige tijden waar allerlei nieuwe manieren van muziekconsumptie onstaan zoals Spotify, mag wat mij betreft het proces van muziekproductie ook meer meegaan met de mogelijkheden van deze tijd. Dit vraagt om een andere manier van denken over het creatieproces van muziek. Programma’s als SoundCloud zijn hierbij ‘slechts’ het vehikel om dergelijke veranderingen in gang te zetten. Uiteraard zouden initiatieven als BandCamp, ReverbNation en ach ja waarom ook niet MySpace, een functie moeten faciliteren om je muziek als een WOP (work in progress) te bestempelen. Muzikanten zelf dragen hierbij ook de belangrijke verantwoordelijk om deze andere, beta, manier van denken ook te dóen. Alleen door zelf af te wijken van de huidige norm, is vooruitgang mogelijk.

Progress is not possible without deviation. I think it is important that people be ware of some of the creative ways in which some of their fellow men are deviating from the norm. Because in some instances they may find these deviations inspiring and might suggest further deviations which might cause progress. You’ll never know.

[Frank Zappa, in de VPRO documentaire Frank Zappa van Roelof Kiers uit 1971]

Perspectief op muziek

Bericht geplaatst door Meindert Op March - 30 - 2010

In deze serie artikelen in het dossier ‘Muzikant 2.0’, wordt vanuit een theoretisch perspectief gekeken naar het huidige aanbod van online websites en tools voor de muzikant. Het zijn geen handleidingen waarin alle mogelijkheden worden beschreven, maar de nadruk ligt erop het gebruik en de betekenis van deze sites te plaatsen in een langer historisch handelen van de muzikant. Aan de hand van diverse concepten (convergence culture, celestial jukebox, cloud computing, participatory culture, rhizoom, star system etc.) zullen diverse muziekwebsites worden geïnterpreteerd.

Telkens wanneer er in kranten, concertrecensies, twitterberichten etc. over ‘muziek’ gesproken wordt, krijg ik een beetje de kriebels van deze lastig te hanteren en eigenlijk megalomane term. Niet alleen al de ontelbare verschillende genre’s,  maar ook bijvoorbeeld uiteenlopende opvattingen en interpretaties over muziek maken de term bijna onbruikbaar. Ik vind het belangrijk dat iedere journalist, recensent, lezer van recensies, platenmaatschappij, consument etc. zich enigszins bewust is van deze verschillende definities van muziek. Alleen hierdoor kan evenwichtig gesprek of zuivere discussie over muziek gevoerd worden.

In het vorige artikel ‘Muzikant en fan in een convergente muziekcultuur’ stond ik stil bij de vervagende grenzen tussen producenten en consumenten van muziek. Wanneer je nog een stap verder denkt en stilstaat bij de beweegredenen om überhaupt muziek te maken of te consumeren, dan ontkom je niet aan de verschillende perspectieven die men op muziek kan hebben. De ene consument vindt het bijvoorbeeld belangrijk om een bepaald canon van voor hem of haar belangrijke muziek te beluisteren, terwijl een ander wellicht meer belang hecht aan allerlei rituele of symbolische functies van muziek. Muziekwetenschapper Estelle Jorgensen biedt met haar onderscheid van vijf perspectieven op muziek een vrij compleet overzicht. Uiteindelijk bespreek ik nog een zesde.

(I)  muziek als esthetisch object

(II ) muziek als symbool

(III) muziek als praktische activiteit

(IV )muziek als ervaring

(V) muziek als ‘agent’ (met handelingsvermogen)

Bij de eerste beschouwing van muziek als een esthetisch object kijkt men naar de schoonheid van muziek. Hierbij zijn bepaalde omgevingscriteria van invloed. De ene docent of leerling vindt bijvoorbeeld de nummers The Beatles belangrijke of canoniek, terwijl een ander wellicht het werk van Miles Davis of Jimi Hendrix als mooie of essentiële muziek bestempelt voor zijn of haar les.

Bij de tweede visie, waarbij naar de symbolische functie van muziek wordt gekeken, draait het vooral om perceptie en het toekennen van betekenis. Welke betekenis heeft de muziek voor de maker en het publiek? Een Afrikaans nummer wordt in de westerse wereld nu eenmaal anders ontvangen en krijgt een andere betekenis, dan in Afrika zelf.

Deze eerste twee perspectieven zijn grotendeels cultuur- en contextafhankelijk en ook nog eens subjectief. Een meer neutraal perspectief is om muziek te zien als een praktische activiteit en waarbij een muziekdocent bijvoorbeeld dan ‘alleen’ praktische kennis overbrengt. Denk bijvoorbeeld aan het spelen van akkoorden op verschillende manieren en welke technieken hier bijvoorbeeld bij gebruikt kunnen worden. Nu is niet iedere muzikant hierin geïnteresseerd en hebben de meeste luisteraars zelfs nog meer een broertje dood aan dergelijke praktische kanten van muziek.

“I would argue that the beauty of a piece of music will never be fully explained by an analysis of its structure, or by carefully pulling apart pitch, pulse, amplitude and timbre, just like human beauty can only be partially be explained by looking at a skeleton, and probing skin, muscle texture and organs, spread out on an dissection table. A partially unmapped path of discovery is necessary; one that leaves room for lateral connections and even confusion.” [Schippers, 2006.]

Een vierde manier om naar muziek te kijken is om voornamelijk de ervaring, interactie of uitvoering van muziek te benadrukken. Soleren met je gitaar achter je rug of in je nek is niet alleen een leuke ervaring, het kan ook veel waardering vanuit het publiek opleveren. Bij een dergelijk vierde perspectief staat de individuele manier van muzikale expressie of ‘flow’ centraal.

“Whether it be through improvised music making; mixed media; composition; or experimental, computer-based, Internet-driven, and interactive music curricula employing compositional software, sound sampling and generation, and the like, the objective of such curricula is to get pas the sometimes tedious acquisition of techniques to experience music directly through acting as musicians.” [Jorgensen, 2003: p. 89]

Bij het vijfde en laatste perspectief van Jorgenson draait het om de ‘agency’ van muziek. Door bepaalde muziek in te zetten voor ‘andere doeleinden dan zichzelf ‘, kunnen muzikanten en luisteraars worden ‘onderdrukt’ of juist ‘bevrijd’. Hierbij valt te denken aan bijvoorbeeld de politieke, sociale, religieuze, psychologische, educatieve, economische of morele doeleinden van kerkkoren, schoolzang en dweilorkesten etc. De muziek functioneert dan als een krachtige ‘beweger’ (agent) om sociale overtuigingen of morele waarden over te brengen.

Muzieksocioloog Simon Frith wijst daarnaast op de immer aanwezige economische belangen bij muziek. Onderstaand citaat illustreert naast de vijf perspectieven van Jorgenson zesde perspectief op muziek dat in de afgelopen decennia is opgekomen en inmiddels ook alweer lijkt te vervagen:

(VI) muziek als een bezitbaar goed (‘commodity’).

“As Chris Cutler has long argued, even if musical technology in the abstract did make new -“liberated”- ways of composing and performing and listening possible, it doesn’t work in the abstract, but as a commodity force, a matter of equipment to be bought and sold, and there are powerful interests (the electronics industry) working to ensure that whatever else may happen to music it remains a source of profit.” [Frith, 1996: p. 245]

Al deze verschillende perspectieven op muziek kunnen ervoor zorgen de intenties van de maker, eigenaar of luisteraar van bepaalde muziek beter te begrijpen. Wanneer een bepaalde muzikant voornamelijk een (I) esthetische intentie heeft met zijn muziek, zal hij blij zijn met een geïnteresseerde luisteraar en het hem verder een worst zijn of hij of zij de muziek download en het als een gratis (VI) bezitbaar goed ziet. Als deze ‘piraat’ de esthetische intentie maar kan waarderen. Een duidelijk verschil met bijvoorbeeld een platenmaatschappij die met het bezit van de rechten van het nummer geld probeert te verdienen. Wanneer iedereen dus elkaars horizon begrijpt en respecteert, kan een evenwichtig gesprek of zuivere discussie over muziek gevoerd worden.

Muzikant en fan in een convergente muziekcultuur

Bericht geplaatst door Meindert Op February - 11 - 2010

In deze serie artikelen in het dossier ‘Muzikant 2.0’, wordt vanuit een theoretisch perspectief gekeken naar het huidige aanbod van online websites en tools voor de muzikant. Het zijn geen handleidingen waarin alle mogelijkheden worden beschreven, maar de nadruk ligt erop het gebruik en de betekenis van deze sites te plaatsen in een langer historisch handelen van de muzikant. Aan de hand van diverse concepten (convergence culture, celestial jukebox, cloud computing, participatory culture, rhizoom, star system etc.) zullen diverse muziekwebsites worden geïnterpreteerd.


De komst van ICT zorgt voor een vervagend onderscheid tussen de productie, distributie en consumptie van muziek. Consumenten kunnen via streaming sites eenvoudig muziek beluisteren of door middel van peer-to-peer-netwerken zelfs gratis muziek met elkaar delen. Muzikanten kunnen via ‘social media’ zelfstandig muziek distribueren en eenvoudig in contact staan met hun publiek.

Doordat deze digitale technologieën de manieren veranderen om muziek te maken, te distribueren en te luisteren, zijn de spelregels van de muziekindustrie drastisch gewijzigd. Door de grenzen tussen de ‘oude’ en ‘nieuwe’ media en tussen ‘mainstream’ en subculturen te bekijken, kunnen deze zogenaamde ‘prosumenten’ in een groeiende participatie muziekcultuur beter worden begrepen.

De essentie van de veranderende grenzen tussen muziekproducenten en muziekconsumenten wordt inzichtelijk beschreven door mediatheoreticus Henry Jenkins. Hij spreekt over een convergente cultuur waar nieuwe en oude media – grassroots and corporate media – met elkaar botsen. In de muziekwereld zie je duidelijk spanningen tussen de conventionele ‘commodificatie’ van muziek en de groeiende sociale productie van muziek.

(In het Engels is een commodity een product of dienst dat wordt gekocht of verkocht. Zodra deze ‘objecten’ worden verhandeld, nemen zij een bepaalde waarde aan en gaan hun eigen leven leiden: commodificatie. De commodificatie van muziek is dus het proces wanneer muziek een bezitbaar goed wordt.)

Aan de ene kant kunnen muzikanten door deze profielsites nu dus voor het eerst in de geschiedenis zélf wereldwijd muziek delen met het publiek. Kleine onafhankelijke grass roots muzikanten zijn minder afhankelijk van het netwerk van platenmaatschappijen, distributeurs en boekingsbureau’s, maar ook grote artiesten (die voor de grootste inkomsten zorgen) zoals bijvoorbeeld Radiohead lieten zien zelf met hun muziek de digitale boer op te kunnen.

Aan de andere kant hebben muziekfans nu instrumenten gekregen om eenvoudig gratis muziek te luisteren, eventueel te veranderen én dit te delen met je vrienden van de site. Deze vrienden kunnen over de hele wereld zitten en creëren zo een waardevol netwerk van fans die elkaar aanbevelingen en parodieën sturen. Platenmaatschappijen en distributeurs staan dus niet alleen langs de zijlijn te kijken naar het afbrokkelen van hun eigen macht, maar zijn ook getuige van het ontstaan van een nieuwe convergente muziekcultuur. Een leuk voorbeeld hiervan is onderstaand filmpje van de virtuoze gitarist Yngwie Malmsteen.

Jenkins legt het onderscheid en de wisselwerking tussen massacultuur en populaire cultuur helder uit. Massacultuur heeft volgens hem te maken met de productiekant en populaire cultuur met de consumptiekant.

“…popular culture is what happens to the materials of mass culture when they get into the hands of consumers, when a song played on radio becomes so associated with a particular romantic evening that two young lovers decide to call it “our song”, or when a fan becomes so fascinated with a particular television series that it inspires her to write original stories about its characters.”

Populaire cultuur ‘ontstaat’ dus wanneer massacultuur geannexeerd wordt door de consument. De verhalen, beelden en muziek die door de massacultuurindustrie uit de folkcultuur tot haar eigendom zijn geclaimd (denk aan Disney die oude verhalen van de gebroeders Grimm tot haar eigendom heeft gemaakt), worden door middel van de populaire cultuur weer herclaimt als een nieuwe soort –convergente – folkcultuur.

In de éénentwintigste eeuw openbaart de ‘grassroots creativity’ van het gewone publiek zich weer aan de massa door gebruik te maken van nieuwe technologieën. Jenkins spreekt daarom van een grassroots convergence, die het oude proces van the folk cultuur representeert, maar dan in een versnelde en uitgebreide digitale versie. Waar de oude folkmuziekcultuur gebaseerd is op het lenen van de voorvaderen en de moderne media gebaseerd zijn op het ‘lenen’ van de folkmuziekcultuur, is de nieuwe convergente muziekcultuur gebaseerd op het lenen van de diverse populaire cultuur, die ‘eigendom’ is van mediaconglomeraten.
























MindNote RSS nieuwsfeed



Last.fm Profiel pagina


MindNote
Get Adobe Flash playerPlugin by wpburn.com wordpress themes